Pip vliegt naar Saturnus

De grote gele raket met rode strepen staat klaar op de bouwplaats, met Pip en Papa Panda klein aan de voet ervan.

In Bamboezelo is er altijd iets te beleven, en vandaag zelfs heel ver weg! In de Berenkuil wacht de gele raket op Pip. Pip weet eindelijk waar hij naartoe wil vliegen. "Naar Saturnus," zegt hij, "de planeet met de ringen."

Pip houdt een zelfgemaakte tekening van een planeet met een ring omhoog, terwijl Papa Panda gehurkt met hem meekijkt.

Saturnus heeft ringen die om hem heen draaien. Maar niemand in Bamboezelo weet waar die van zijn. Zijn ze van wolken, of van suiker, of van ijs? Pip gaat het zelf van dichtbij bekijken.

Pip zit in het houten stoeltje in de raket en kijkt naar het ronde scherm naast hem, waarop het gezicht van Papa Panda verschijnt.

Pip klimt naar binnen en gaat in het stoeltje zitten. PLING, daar licht een rond scherm op. Op het scherm verschijnt het gezicht van Papa. "Missiecontrole Bamboezelo," zegt hij rustig, "ik hoor je goed."

Close-up van Pip die in zijn stoeltje zit, zijn buik vasthoudt en met grote onzekere ogen voor zich uit kijkt.

KLONK, het luik valt zwaar achter hem dicht. Nu is Pip helemaal alleen in de raket. In zijn buik kriebelt iets, en het kriebelt hard. Durft hij dit wel echt in zijn eentje?

Pip kijkt van dichtbij naar Papa Panda op het scherm in de raket, die zijn poot opsteekt en hem rustig het plan vertelt.

"Kijk eens naar mij," zegt Papa zacht op het scherm. "Eerst tel ik af van tien naar één." "Dan trilt alles, en dat mag." "En dan gaat de raket omhoog."

Pip drukt met zijn poot op de grote rode knop en telt met open mond hardop af, met Papa Panda vaag zichtbaar op het scherm achter hem.

Pip legt zijn poot op de grote rode knop. Papa telt af, en Pip telt hardop mee. "Tien, negen, acht, zeven, zes, vijf, vier!" "Drie… twee… ÉÉN!"

Van vlak boven de grond gezien schiet de gele raket omhoog op een warme vlam, met Pip achter het raampje en Papa Panda klein zwaaiend beneden.

GRRROEM, brult de motor onder Pips stoeltje. Alles trilt: de knoppen, het raampje, zijn tanden. Pip knijpt zijn ogen stijf dicht en houdt vast. Bamboezelo wordt kleiner, en kleiner, en nóg kleiner.

De kleine gele raket zweeft langs een enorme crèmekleurige maan vol kuiltjes, met Pip die met zijn neus tegen het raampje gedrukt naar buiten kijkt.

Boven de wolken wordt het ineens doodstil. Pip doet zijn ogen open en kijkt naar buiten. Daar schuift de maan langs zijn raampje, vol kuiltjes. "Wooow," fluistert Pip, "dag maan, ik vlieg langs je."

Van bovenaf gezien hangt Pip verveeld onderuitgezakt in zijn stoeltje en telt de boutjes in het plafond, terwijl Papa Panda op het scherm met open mond zingt.

En daarna gebeurt er heel lang helemaal niets. Pip telt de bouten in het plafond: tweeënveertig. Saai, denkt Pip, en hij mist zijn vrienden. Papa zingt een liedje voor hem, en heel vals.

De enorme geelbruine planeet Saturnus vult het beeld, met ringen die van dichtbij uit honderden ronde stenen blijken te bestaan en de kleine raket ernaartoe vliegt.

En dan ziet Pip hem: Saturnus, met zijn ringen. Van dichtbij zijn het helemaal geen ringen. Het zijn stenen, duizenden stenen, groot en klein. Ze drijven rond en rond, als een reuzengrote molen.

Close-up van Pip die met twee poten de rode stuurknuppel vasthoudt en geconcentreerd stuurt, terwijl achter het raampje een grote ronde steen voorbijschuift.

Pip pakt de stuurknuppel stevig met twee poten vast. Links, rechts, en dan snel eronderdoor! Nu kriebelt zijn buik niet meer, want hij stuurt zelf. TOK, tikt een klein steentje tegen zijn raampje.

De gele raket scheert vlak boven het zachte, gestreepte gaswolkenoppervlak van Saturnus, met de ringen als brede banden aan de sterrenhemel erboven.

Pip scheert vlak langs de gele, gestreepte planeet. Het is zo mooi dat hij nog een rondje vliegt. "Landen kan niet," zegt Papa, "Saturnus is helemaal gas." Je zou er zó doorheen zakken, denkt Pip verbaasd.

De grote gele raket staat geland in de kleine achtertuin naast de waslijn, terwijl Pip van de ladder springt en Papa Panda juichend aan komt rennen.

GRRROEM, daar zakt de raket weer in Pips eigen tuin. "Klaar is Pip!" roept Pip, en hij stroopt trots zijn mouwen weer naar beneden. Tot de volgende dag in Bamboezelo!