Pip op het dak
In Bamboenk is er altijd iets te doen, en Pip de Panda is er als de kippen bij! Vandaag schijnt de zon warm op zijn huis. Pip stroopt zijn mouwen op en huppelt naar buiten.
Kijk eens, zijn splinternieuwe rode vlieger! Pip wil vandaag hoog en ver leren vliegeren. 'Hoger dan de bomen,' roept hij vrolijk.
WOESJ! De wind blaast ineens veel te hard. De vlieger schiet omhoog naar het dak. Daar blijft hij haken, hoog boven de dakgoot.
Pip denkt niet na en klimt meteen omhoog. Langs de regenpijp klautert hij naar het dak. Hij grijpt zijn vlieger stevig vast, gelukt! Maar dan kijkt hij naar beneden.
Oei, wat is het hoog en wiebelig! Pip durft geen stapje meer naar beneden. Gelukkig loopt Bons de brandweerhond net voorbij. 'Rustig maar, ik kom eraan,' roept Bons rustig.
Pip wil snel zelf naar beneden klimmen. Hij zet gauw zijn voetje op de dakgoot. 'Wacht even, niet zo snel,' roept Bons.
Maar een dakpan glijdt een stukje weg. Pip schrikt en grijpt zich stevig vast. Nu durft hij helemaal niets meer. Zijn hartje bonkt boven op het dak.
'Eerst goed kijken, dan pas doen,' zegt Bons. 'Ik haal mijn grote brandweerwagen erbij.' 'We doen het samen, stap voor stap.' Pip haalt diep adem en knikt.
TÛÛÛT! Daar rijdt de grote rode brandweerwagen de tuin in. Wooow, wat is hij groot en glimmend! Langzaam schuift de lange ladder omhoog, hoger en hoger.
Bons klimt kalm naar boven en lacht. 'Kijk naar mij en volg mijn voeten.' Nu luistert Pip eerst en wacht netjes. Samen dalen ze stap voor stap af.
Eén, twee, drie, daar staat Pip weer veilig! Zijn voetjes staan blij op de grond. Bons zet zijn helm recht en blaft vrolijk.
Pip snapt het nu heel goed. Eerst kijken en om hulp vragen is juist dapper. 'Dank je wel, Bons,' zegt Pip warm. Samen zwaaien ze met de geredde vlieger.
Wat is vliegeren nu extra leuk, vindt Pip. "Klaar is Pip!" roept Pip, en hij stroopt trots zijn mouwen weer naar beneden. Tot de volgende klus in Bamboenk!